De Controleur
Een ander gezicht dat fawning kan aannemen is dat van de Controleur, degene die alles onder controle wil houden. Op het eerste gezicht lijkt dit profiel niet meteen op people-pleasing omdat de Controleur sterk, georganiseerd en doelgericht oogt.
Voor de Controleur is beheersing een manier om zich veilig te voelen in een wereld die ooit onvoorspelbaar is. In hun kindertijd moesten ze misschien voortdurend alert zijn om de stemming van een ouder te lezen, ruzies te vermijden of chaos te voorkomen. Door alles te “managen” konden ze de illusie scheppen dat er geen gevaar op komst was. Die oude overlevingsstrategie is later een identiteit geworden, degene die alles onder controle heeft en de touwtjes stevig in handen houdt.
De Controleur is vaak degene die alles plant, overziet, en het moeilijk vindt om iets aan het toeval over te laten. In relaties nemen ze onbewust de leiding, niet uit dominantie, maar uit angst voor wat er zou kunnen gebeuren als ze de grip verliezen. Loslaten voelt voor hen als een risico. Die angst drijft hen ertoe om anderen subtiel te sturen of te corrigeren om zichzelf gerust te stellen.
Achter hun behoefte aan controle schuilt vaak een diepe onzekerheid namelijk dat als ik niet alles onder controle houd, alles instort en dan is dat mijn schuld. Deze overtuiging maakt dat de Controleur voortdurend in een toestand van alertheid leeft, alsof hij de wereld draaiende moeten houden. Ze pleasen niet door zich te onderwerpen, maar door te controleren. Hun manier van “pleasen” bestaat uit het voorkomen dat er fouten gemaakt worden waardoor er conflicten kunnen ontstaan.
Wanneer iets onverwachts gebeurt, ervaren ze dat als persoonlijk falen of als bewijs dat ze niet goed genoeg hebben opgelet. Dat gevoel kan hen nog verder aansporen om de controle aan te scherpen, een vicieuze cirkel die moeilijk te doorbreken is.
De heling begint wanneer de Controleur leert dat echte veiligheid niet voortkomt uit beheersing, maar uit vertrouwen. Vertrouwen dat het leven zichzelf soms mag ontvouwen zonder dat alles gepland of gestuurd hoeft te worden. Ze leren dat ze de wereld niet hoeven te controleren, dat het leven ook zonder hun tussenkomst kan blijven stromen.